|
|
Jongeren met eetstoornissen
|
|||||||||||||||||||||||||||||
|
algemeen
|
Professionalisering van preventie en behandeling van JONGEREN MET EETSTOORNISSENOnderzoeks- en vormingsproject van de K.U. Leuven met steun van de
Vlaamse Gemeenschap, Ministerie van Welzijn, Gezondheid en Gelijke
Kansen
|
| Een eetstoornis of een voorbijgaande dieetgril? Kenmerken en oorzaken | |
| Herkennen van de belangrijkste signalen: multidisciplinaire diagnostiek bij jongeren. | |
| Van ontkenning tot verwijzing: motiveren, informeren, en zorgen voor begeleiding. | |
| Preventie op school: mogelijkheden en beperktheden. | |
| Ambulante behandeling van eetstoornissen: basisingrediënten en voorwaarden. |
Deze studiedagen werden gevolgd door per regio (en netoverschrijdend!) twee praktijkgerichte dagen die thematisch opgevat waren:
| preventie en ongezonde eetgewoonten, | |
| versterken van identiteit en positief zelfbeeld | |
| detectie tijdens het routineonderzoek | |
| werken met de omgeving | |
| motivering van de leerling met eetproblemen |
Om actieve deelname mogelijk te maken geopteerd voor kleine groepen (maximum 30 deelnemers). In totaal namen 300 medewerkers deel aan de studiedagen en 150 aan de praktijkgerichte workshops [gedetailleerde programma's: zie bijlage]. De reactie was zo overweldigend dat de CLB-koepels zelf al besloten een vervolg te voorzien in 2002. Uit de evaluatie bleek dat men het geheel als goed tot uitstekend beoordeelde. Men vond het een stimulerende formule, maar jammer dat niet iedereen de volledige reeks workshops kon volgen. Het netoverschrijdend karakter van de workshops werd erg gewaardeerd door de deelnemers die onderling veel uitwisselden.
In de enquête van CGG's werden veel moeilijkheden aangehaald inzake motivering, diagnostiek en verdere behandeling van negatief zelfbeeld. Er werden ook verzuchtingen geuit rond het werken met het (soms moeilijke) gezinssysteem. Bij rondvraag op de werkvloer bleek er vooral nood aan praktijkgerichte vorming en met mogelijkheden tot gevalsbesprekingen. In samenwerking met een vertegenwoordiger van de CGG's in de stuurgroep werd een programma uitgewerkt van drie reeksen van drie dagen per regio (Oost- & West-Vlaanderen; Brabant & deel Limburg; Antwerpen & deel Limburg).
Vier thema's werden centraal gesteld:
| diagnostiek en motivering | |
| ambulante behandeling vanuit een CGG | |
| werken met families | |
| werken aan een positiever zelfbeeld |
Inschrijvingen werden beperkt tot maximum 30 deelnemers om het praktijkgericht werken mogelijk te maken. Hierdoor was er een bereik van 270 deelnemers. De deelnemers werd gevraagd de vormingsreeks te evalueren en suggesties voor de toekomst te geven. Evaluaties waren in het algemeen positief tot zeer positief: men had meer behoefte aan dit soort themagerichte vormingen, men vond de praktijkgerichte regionale formule zeer geschikt en de uitdieping vanuit verschillende invalshoeken verrijkend. Velen haalden aan dat deze vorming onzekerheid om te werken met de problematiek verlaagt en houvast biedt. Voor een aantal moet deze vorming herhaald worden zodat alle teams hieraan kunnen deelnemen. Er is nood aan extra vorming rond 'concreet werken aan eetproblemen in een CGG'. Het werken met families en het werken aan een positiever zelfbeeld mochten ook meer tijd krijgen (dit was nu telkens een halve dag in tegenstelling tot de andere thema's). Ook heeft men nood aan meer intervisie volgend op deze basisvorming. Men hoopt op meer samenwerking met gespecialiseerde hulpverleners en behandelcentra.